Nu lees ik
moeheid van je lippen
en ik proef
verdriet in schaarse kussen:
Schaduwen
ze springen
vluchtig tussen
eenzaam in je zelf-gedachten
en het trage-daag'lijks praten
heen en soms ook weer.
|
Toch heb ik
liever nog
sporadisch liefderesten:
soms een oogwenk
diep begrip:
een samen tegen and'ren staan,
alleen zijn
in het moeizaam slapen gaan
of waarom moet ik
wakker worden?
Jij bent een hand
die telkens toch weer even
In de mijne past |